Sinds het begin januari van 2002 levert  Nederland een bijdrage aan de International Security Assistance Force, afgekort ISAF. Nederland doet mee met een luchtmobiele infanteriecompagnie bestaande uit ongeveer 200 man. Voor ISAF-4 levert het 13 bataljon Regiment Stoottroepen Prins Bernhard mannen van de Bravo-compagnie. Daarnaast is er een KCT-detachement voor de force protection en een klein contigent dat een bijdrage levert om het werk van de compagnie mogelijk te maken. Sinds begin dit jaar bivakkeren deze militairen in tenten op een kamp, ongeveer 8 kilometer oost van de stad Kabul.

 Vanuit dit kamp, met de naam Camp Warehouse, opereren de Nederlandse militairen dagelijks in de omgeving van Kabul en in de stad zelf. Door middel van patrouilles in een afgebakend gebied, bekend als de Area Of Responsibility (AOR), laten zij (mede) zien dat ISAF er voor de bevolking is en dat de militaire aanwezigheid van ISAF-eenheden een bijdrage levert aan de stabiliteit en rust in de regio. De doelstelling van ISAF, de garantie van een rustige en veilige omgeving, om de interim-regering van Karzai de tijd en ruimte te geven om een start te maken van de wederopbouw van het land wordt hiermee gegarandeerd.

Sinds eind jaren ’70 heeft dit land nauwelijks iets anders gekend dan oorlog. Pas sinds de ontplooiing van ISAF is er in ieder geval in Kabul en omgeving een zekere rust en veiligheid ontstaan. Overal zie je nog de littekens van de oorlog. Kapotte gebouwen, kapotgeschoten tanks en pantservoertuigen staan in het land te verroesten. Verder komen er in dit land veel, heel veel UXO’s (Unexploded Ordnance= munitie die niet ontploft is) voor.

Wederopbouw: Dat wederopbouw nodig is, is overduidelijk. Er moeten huizen gebouwd worden om de beschadigde en kapotgeschoten huizen te vervangen, en vooral ook om de terugkerende vluchtelingen onderdak te bieden. Maar de wederopbouw van Afghanistan is niet alleen infrastructureel van aard. Om de regering de benodigde rust te geven dient zij te beschikken over een leger dat in het hele land gedragen wordt. ISAF is tenslotte alleen in Kabul en omgeving werkzaam. Dit Afghan National Army wordt opgeleid en getraind door Amerikaanse en Franse militairen op het Kabul Military Training Centre net buiten de poort van Camp Warehouse. Inmiddels zijn er zes bataljons geïnaugureerd. Onder het toeziend oog van een aantal hoge gasten en de internationale pers tonen de nieuwe militairen hun kunnen. Razend snel zetten ze een antitankgeschut klaar en vuren het af. Man tot man gevechten worden getoond en militairen met bivakmutsen gaan abseilend langs een gebouw naar beneden. Naast het reguliere leger worden er ook nog mensen opgeleid en getraind tot militairen van de Afghan National Guard. Zij worden getraind door de Turken en het eerste bataljon  heeft op 1 december 2002 zijn inauguratie gehad. Uit gesprekken met militairen blijkt de trots om te mogen dienen in het leger en zo mee te helpen aan de wederopbouw van hun land.

Patrouilles: De Nederlandse militaire bijdrage wordt voornamelijk geleverd in de vorm van patrouilles. Door elke dag, overdag en ‘s nachts, te patrouilleren ziet de bevolking dat we er zijn, het zogenaamde showing the flag. In de regen, sneeuw en koude wind rijden de Nederlanders in MB softtops uren achter elkaar door de Nederlandse AOR. Tijdens deze patrouilles praten de militairen met de bevolking om te horen wat er speelt. Op deze manier kunnen de Nederlanders inspelen op de situatie in een dorp of wijk. Het is al gebleken dat in sommige wijken de criminaliteit door de aanwezigheid van ISAF militairen gedaald is. Verder dienen de patrouilleleden als oog en oor voor hun commandanten en helpen zo bij de eigen force protection. Door aanwijzingen van de lokale bevolking zijn er een paar weken geleden raketten gevonden die gericht waren op ons kamp. Zonder in contact te komen met de locals en vertrouwen op te bouwen was het nog maar de vraag geweest waar de raketten neergekomen zouden zijn.  

Als militairen UXO’s vinden moeten ze de vindplaats markeren en over de radio een melding doen. Dan moeten ze een UXO-rapport opmaken waarin het type, het coördinaat van de locatie en de route er naar toe vermeld worden. Wanneer dit allemaal bekend is gaat de EOD erop af om het explosief op te ruimen. Het wil ook nog wel eens voorkomen dat de bevolking je wil helpen. Of ze komen de UXO’s naar je toe brengen of ze geven aan dat het niks is. Dit laatste doen ze dan door het explosief op te pakken en weg te gooien. In beide gevallen schrikken de militairen zich telkens weer een hartverzakking, Je weet immers nooit of het afgaat. En op straat lopen genoeg voorbeelden van wat er met je gebeurt als het niet goed gaat.

Naast de patrouilles draaien de rode baretten ook eens in de drie dagen wacht aan de poort. Elke dag staan er honderden Afghanen aan de poort in de hoop te mogen werken op het kamp. Iedereen die het kamp op wil wordt gefouilleerd en de niet militaire voertuigen worden stuk voor stuk onderworpen aan een inspectie. Dat deze aanpak nodig is en werkt blijkt uit het feit dat de Afghaan die een poging heeft gedaan tot een aanslag op Camp Warehouse daar niet in is geslaagd. Men gaat er van uit dat hij op het kamp zijn handgranaten af wilde laten gaan, maar dat hij bij het zien van de beveiliging besefte dat hij niet ongezien langs de bewaking zou komen. Op het moment van de aanslag stonden er Stoters aan de poort die gelukkig geen van allen gewond raakten. Twee Afghaanse tolken en twee Fransen hadden minder geluk. De twee Afghanen overleefden de aanslag niet en de twee Fransen raakten gewond. De reden achter de aanslag is niet bekend, maar het bewijst in ieder geval wel dat je hier nog steeds op je hoede moet zijn.

CIMIC en Hope: Een andere manier waarop we de bevolking helpen is met de zogenaamde CIMIC-projecten. Hierbij draait het om samenwerking tussen een civiele en een militaire partij, waarbij de civiele partij gebaat is. Het zijn kleinschalige projecten waarbij het effect snel zichtbaar is voor de bevolking, de zogenaamde Quick Impact Projects. Hierbij moet men denken aan wederopbouw van scholen, bouwen van weeshuizen en het neerzetten van dieselpompen om water op te pompen en het land te bevloeien. Er loopt nu ook een project waarbij mensen twee dollar per dag krijgen als ze helpen een ondergrondse rivier weer te laten stromen zoals vroeger. Door achterstallig onderhoud en doelbewuste vernietiging van ontluchtingsgaten kan de rivier haar normale weg niet vervolgen wat tot gevolg heeft dat het land op het moment niet zo goed bevloeid wordt als 23 jaar terug.

Daarnaast probeert ISAF de bevolking ook op andere manieren te helpen. Bijvoorbeeld door het project Hope. Elke woensdag gaan twee Nederlandse militaire artsen en verpleegkundigen naar een praktijk vlakbij het kamp waar ze de bevolking gratis hulp bieden. Het gaat dan om kleine dingen waarvoor je in Nederland bij een huisarts zou aankloppen. Elke woensdag is het erg druk met mannen, vrouwen en kinderen die een behandeling willen. Vaak komt het erop neer dat ze pillen willen. Er kunnen steeds slechts een beperkt aantal mensen binnengelaten worden waardoor er buiten de omheining grote groepen mensen staan te wachten. Er staat ook permanent een Afghaan op wacht om er voor te zorgen dat er geen mensen over de omheining klimmen of dat er meer mensen binnen komen dan er naar buiten gaan. Het project is erg succesvol al blijft de geboden hulp de bekende druppel op een gloeiende plaat.

Sinterklaas en de Ramadan: Ondanks dat de militairen zeven dagen per week, vierentwintig uur per dag werken is er ook nog ruimte voor festiviteiten tijdens nationale feestdagen. Sinterklaas kon zijn mannen in Kabul natuurlijk niet vergeten. Daarom ging hij de avond van 5 december op pad door Kabul om de Nederlanders op patrouille en observatieposten (OP’s) te verrassen met een bezoek. Locals begrepen niet veel van, sommigen zagen de Sint zelfs aan voor zijn concurrent, maar ze accepteerden het geboden strooigoed met graagte. Toch mooi na een maand vasten tijdens de Ramadan. Want Sinterklaas en het einde van de Ramadan, en dus het begin van het Suikerfeest, vielen dit jaar op dezelfde datum. Het Suikerfeest is een feest dat vijf dagen en nachten duurt en waarbij samen met familie gebeden, gegeten en gedronken wordt. Tijdens dit feest werden er door de ISAF-militairen overdag geen patrouilles gereden zodat iedereen ‘s nachts inzetbaar was voor patrouilles, Vehicle Checkpoints en OP-diensten.

In verband met de verhoogde alert state kon de Sint niet alleen op pad en ging hij onder begeleiding van een tweede MB softtop op weg naar de verschillende OP’s en checkpoints. Zijn roepnaam, Sierra Kilo, zorgde bij velen voor wat verwarring, maar bij de aanblik van de Sint viel het kwartje al gauw. Overal was de ontvangst hartelijk en wilde mensen op de foto met Sinterklaas die voor de gelegenheid uitgerust was met scherfvest Glock en klompen. De mannen van het KCT die aan het schieten waren op Sheep Range zorgden nog voor een unicum. Voor het eerst heeft de Sint met de C8 geschoten. Dat hij niks heeft geraakt is niet verwonderlijk aangezien zijn ogen natuurlijk ook niet meer je van het zijn.

Ook de Kerstdagen gingen niet ongemerkt voorbij. Wat normaal een feest van saamhorigheid is, was dit jaar voor de ISAF-militairen enkel saamhorigheid. De Duitse militairen die in de CH-53 zaten die op 21 december neerstortte zijn allen omgekomen en op eerste kerstdag naar huis gevlogen. Begrijpelijkerwijs was iedereen hier erg door ontdaan. Ondanks dat de zon scheen, was het 25 december ijzig koud op de betonnen plaat van Kabul International Airport. Een grote afvaardiging van de ISAF-gemeenschap was in alle vroegte aanwezig om de laatste eer te bewijzen aan de zeven Duitse collega’s. Na een indrukwekkende, maar ingetogen ceremonie werden de kisten in een Transall geladen om terug gevlogen te worden naar Duitsland.

BLS op bezoek: Op 31 december kwam de Bevelhebber der Landstrijdkrachten, luitenant-generaal Marcel Urlings, op bezoek bij de Nederlanders in Kabul. In recordtempo heeft hij met zoveel mogelijk mensen gesproken en zoveel mogelijk gezien om zich een goed beeld te vormen van de werkzaamheden en de omstandigheden waarin de militairen opereren. De militairen konden op hun beurt vertellen wat er volgens hen nog beter geregeld moet worden zodat ISAF-5 niet tegen dezelfde problemen aanloopt als de huidige club. Het stond niet gepland, maar de generaal heeft zelfs een bunkeralarm meegemaakt. Er zouden explosieven op het kamp zijn waardoor de EOD en de Duitse honden van K-9 plaatsen waar veel militairen samen zijn, zoals de eetzaal en de fitnessruimte, moesten uitkammen. Na ongeveer drie uur in een koude bunker, kon iedereen verder met zijn werkzaamheden. Enkele uren later stond iedereen die geen OP-dienst had in de Nederlandse bar om samen met de generaal het nieuwe jaar in te luiden.

Commando-overdracht: Op 8 februari nemen Nederland en Duitsland samen officieel het commando over van de Turken. Het aantal Nederlandse militairen zal dan stijgen van 240 naar bijna 700. Hiervan zullen er 400 werkzaam zijn op het ISAF-hoofdkwartier in de stad. Zij zullen zich bezighouden met de politieke kant van de missie. In september van dit jaar zal er weer een Loya Jirga (Grote Vergadering) plaatsvinden. Dan heeft Karzai er een regeerperiode van 18 maanden op zitten en zal er opnieuw gestemd moeten worden over een regering voor Afghanistan. Het is te hopen dat de nieuwe regering het nut van de aanwezigheid van ISAF inziet en het mandaat verlengt zodat ISAF kan blijven zorgen voor rust en stabiliteit in de regio.

Related Posts

Leave a Reply

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.